Vier basisprincipes voor een goede trainer. Deel 2: Stimuleren.
01 november 2022 

Vier basisprincipes voor een goede trainer. Deel 2: Stimuleren.

Principe 2: Stimuleren

Voor hockeyvisie hebben Yara van Gendt en Kees Wallis een artikel geschreven “Training geven is een vak” over de geheimen achter het creëren van een veilig en ontwikkelingsgericht sportklimaat. Onderstaand een samenvatting.  

Het is van groot belang dat een kind hockeyt in een veilig en ontwikkelingsgericht sportklimaat. Dit zorgt er namelijk voor dat een kind plezier houdt in hockey, zelfvertrouwen krijgt, leert omgaan met gezag en zeer waarschijnlijk langer door zal blijven gaan met sporten. Op de trainer/coach rust dan ook een belangrijke taak om deze omgeving te creëren. 

Maar hoe stimuleer je jonge spelers op de juiste manier? Hoe zorg je ervoor dat de spelers daadwerkelijk naar je luisteren zonder dat je boos hoeft te worden? En hoe ga je bijvoorbeeld om met ouders die allerlei hoge verwachtingen hebben? Vaak komt er veel meer bij kijken dan alleen het technisch en tactisch verhaal: trainer zijn en training geven is zo makkelijk nog niet. 

Er is onderzoek gedaan naar de succes- en faalfactoren in het gedrag van trainers en coaches bij het creëren van een veilig en ontwikkelingsgericht sportklimaat. De succesfactoren zijn omgezet naar een viertal praktische inzichten waar je als trainer en coach op kan letten om een veilig sportklimaat te waarborgen. Het resultaat van het implementeren van de vier inzichten is dat kinderen fouten durven te maken, zich ontwikkelen en langer blijven sporten. 

De Basisprincipes 
Afke van der Wouw (sportpsycholoog) heeft de vier inzichten verwerkt in een mindmap. 



 

 

  

Principe 2: Stimuleren
Stimuleren doet iedereen op zijn/haar eigen manier, denk aan de schreeuwende ouder langs de lijn of de opgewonden coach. Beiden hebben ongetwijfeld de beste bedoelingen van de wereld, maar hoe stimuleer je nou op zo’n manier dat een speler plezier heeft en langer blijft sporten? Voor de trainer en coach geldt hierbij het belang van complimenten geven, oog hebben voor de mindset van spelers, enthousiasmeren, positief coachen en winst boeken.

Het geven van complimenten kan op verschillende manieren. Maar in ieder geval geldt: hoe meer oprechte complimenten, hoe beter. En als je dan een compliment geeft, waar zou jouw voorkeur naar uitgaan? ‘Goed gedaan Joost, jouw push is beter dan vorige week’, óf: ‘Goed gedaan Joost, jouw push is beter dan die van Stijn.’ Waar heeft Joost meer controle over?

 
Het is van belang dat complimenten gericht zijn op:
 a) Persoonlijke ontwikkeling (bijvoorbeeld: ‘Goed bezig Joost, je bent een stuk vooruitgegaan ten opzichte van vorige week’).
 b) Inzet (bijvoorbeeld: ‘Goed je best gedaan Joost bij het binnenhouden van die bal’).
 c) De taak (bijvoorbeeld: ‘Goed dat je jouw man bent blijven dekken Joost’).

Wanneer dit soort complimenten gegeven worden is de kans op herhaling van het gewenste gedrag het grootst doordat de speler specifiek weet wat hij/zij goed doet. Je benadrukt de inzet en persoonlijke ontwikkeling door te zeggen dat iemand iets goed doet in plaats van dat iemand goed is. Hiermee wordt ook een groeimindset gestimuleerd.

Mindset
Een mindset zijn de overtuigingen die je als spelers (en trainers) hebt over de ontwikkelbaarheid van talent en vaardigheden. Is talent aangeboren en staat het vast of is het aangeleerd en kun je het verbeteren door te trainen? Hoe je tegen talent aankijkt heeft gevolgen voor hoe je winst en verlies ziet. Zie je het maken van een fout als een kans om te leren of als een persoonlijk verlies dat je de volgende keer wil voorkomen? De Amerikaanse psychologe Carol Dweck houdt zich al jaren bezig met het effect van deze mindset op de motivatie en het doorzettingsvermogen van kinderen. Zo heeft zij onderscheid gemaakt tussen een groeimindset en statische mindset.

De spelers met een groeimindset hebben de overtuiging dat talent maakbaar is: door trainen en oefenen word je steeds beter. Om die reden gaan zij door bij tegenslag, leren ze van fouten, willen zich verbeteren en vinden het leuk om te trainen.

Spelers met een statische mindset hebben de overtuiging dat talent aangeboren is en daardoor vaststaat. Zij geven daardoor sneller op bij tegenslag, willen beter zijn dan anderen en vinden trainen zinloos. Elke trainer of coach zou natuurlijk graag alleen maar spelers hebben met een groeimindset, maar in de regel is dit zeker niet het geval. Het goede nieuws is dat trainers en coaches wel invloed hebben op de mindset van spelers, onder andere door de manier waarop zij aanwijzingen en complimenten geven. Zoals beschreven hebben aanwijzingen en complimenten gericht op de inzet, taak en persoonlijke ontwikkeling een positief effect op de groeimindset. Complimenten als: ‘Wat ben je een goede sprinter’, ‘Jij bent een geboren spits’ en ‘Mooi schot, dat talent heb je echt van je moeder’ bevorderen meer de fixed mindset. 

Feedback geven 
Bij het onderdeel enthousiasmeren en positief coachen gaat het over het geven van oplossingsgerichte feedback. Hoe geef je feedback zonder dat het opgevat wordt als een persoonlijke aanval? Een handige tip hierbij is het inbedden van opbouwende feedback tussen twee complimenten in. Bijvoorbeeld: ‘Mooie pass net Jamie, en als je de volgende keer je handen nog iets verder uit elkaar houdt bij het pushen, dan heb je nog meer controle over de bal, je doet goed je best!’. Hierdoor is iemand ontvankelijker voor de boodschap. Dit wordt ook wel de sandwich-methode genoemd. Van belang is het vermijden van het woord ‘maar’ en in plaats daarvan het woord ‘en’ te gebruiken. Wanneer je het woord ‘maar’ gebruikt doe je afbreuk aan jouw eerste compliment door jouw feedback belangrijker te maken dan het compliment. Ook het moment waarop de feedback gegeven wordt is belangrijk. Doe dit het liefst persoonlijk en niet ten overstaan van de hele groep. Op deze manier staat de speler meer open voor de feedback.

Fouten mogen maken
Sommige trainers, coaches en ouders, maar (daardoor) ook spelers zelf, vinden dat spelers geen fouten zouden moeten maken. Maar dan is de vraag terecht: hoe kan een kind leren lopen als het geen fouten mag of durft te maken? Dit is nagenoeg onmogelijk. Leren is nou eenmaal inherent aan fouten maken. Een veilig en ontwikkelingsgericht sportklimaat is dan ook een omgeving waarin dit wordt gestimuleerd. 

Wanneer fouten worden gemaakt is het van belang dat spelers in staat zijn hiervan te leren door middel van feedforward. Dit houdt in dat je benadrukt hoe iemand zijn/haar gedrag of handeling in de toekomst kan verbeteren in plaats van alleen aan te geven wat er niet goed ging. Bijvoorbeeld: ‘Ik zag dat iemand de bal net tussen je benen door speelde. Dat kan gebeuren en is niet erg, probeer volgende keer je stick laag te houden en goed naar de bal te blijven kijken.’ Door vragen te stellen aan de speler leer je hem/haar zelf na te denken en met oplossingen te komen: ‘Wat zou je de volgende keer kunnen doen om te voorkomen dat je door je benen gespeeld wordt?’ Op deze manier is de kans groter dat hij/zij een volgende keer dezelfde situatie herkent en onthoudt hoe hij/zij hier het beste mee om kan gaan. Meer hierover bij Principe 4: ‘Regie overdragen’.

Winst versus winnen?
In de sport draait het uiteindelijk altijd om winnen en verliezen, maar om de kans op winnen te vergroten werkt het goed om de nadruk te leggen op winst boeken. Hierbij wordt verliezen niet gezien als falen en is succes niet hetzelfde als winnen. Hoe kan je ervoor zorgen dat jouw spelers toch nog plezier hebben ondanks dat zij verliezen? Het benadrukken van de progressie speelt hierbij een belangrijke rol. Laat het team en/of de individuele speler weten waarin ze beter zijn geworden, ondanks het verlies. Bijvoorbeeld de goede manier van uitverdedigen, die ze die week getraind hebben. Het kan daarbij helpen om vooraf subdoelen op te stellen voor elke wedstrijd. Wanneer je van tevoren weet dat de tegenstander veel beter is, kun je bijvoorbeeld als doel stellen om minstens twee of drie keer over te spelen. Als dit goed gaat kun je de volgende keer een hogere subdoelstelling kiezen die meer haalbaar is dan de wedstrijd winnen.

Over de schrijver
Wij maken trainers, coaches en spelers veel beter.
Reactie plaatsen